Nautische dienst

Deze dienst is verantwoordelijk voor alles wat er aan dek en met de (kleine) vaartuigen gebeurt. Scheepsonderhoud is noodzakelijk om het schip in goede staat te houden. ONDERHOUD is behoud. De kadetten die dit dienstvak hebben gekozen krijgen te maken met een groot aantal verschillende zaken. KNOPEN EN SPLITSEN (=schiemannen) leren de kadetten stapsgewijs.

Omgaan met de kleine vaartuigen, verven, navigatie, vaarregels, zeilen, roeien, werken met ankers, blokken en takels zijn een aantal facetten van nautische dienst. De kadetten van deze dienst hebben veelal een vaste taak als het korpsschip gaat varen. Zo zijn er ingedeeld in de MEERROL (wanneer het schip aan- of ontmeert maken zij het schip vast met de trossen), roertorn (als roerganger het schip sturen) of navigator (op de brug navigeren leren).

Iedere kadet krijgt een basis van onderwerpen als hij/zij net aan boord is. VEILIGHEID staat hier vooraan. Daarnaast allerlei interne zaken, waar kan je wat vinden, hoe heet iedereen, enz. Iedere kadet krijgt aan het einde van de instructieperiode een test. Slaagt men hiervoor dan krijg je een diploma. Binnen het Zeekadetkorps wordt dit een BREVET genoemd.

Kies je voor de NAUTISCHE DIENST dan krijg je eerst allerlei onderwerpen voor het brevet Sloepgast 1 en daarna voor het brevet Meestersloepgast.